Is Bismarck zalm komen eten in Pernis?

Volgens een familieverhaal heeft de beroemde kanselier Bismarck in de 19de eeuw een bezoekje gebracht aan Zalmvisserij Oranje Nassau. Hij kwam er zalm eten, samen met een gezelschap van de Deutscher Turn- und Rüderverein. Is het waar, of is dit zalmvisserslatijn? Een onderzoek in de archieven.

Laten we beginnen met het familieverhaal, dat speelt in de jaren dertig. Mijn betovergrootouders hebben nog lang op de zalmvisserij in Pernis gewoond. Mijn opa en oma waren toen al verhuisd naar Capelle aan den IJssel. Toen mijn betovergrootvader Aart de Jong als laatste overleed, moest de zalmvisserij worden opgeruimd. De familie had hier een dag voor afgesproken. Op die dag kon mijn oma Willempje Seinstra niet zelf naar de zalmvisserij vanwege andere verplichtingen.

Mijn opa Meindert werd afgevaardigd met een boodschappenbriefje aan erfstukken. Toen hij terugkwam was mijn oma zeer ontstemd. Meindert had natuurlijk precies de verkeerde dingen meegenomen! En de ‘stoel van Bismarck’ was nergens te bekennen! Die had mijn oma blijkbaar wel graag willen hebben. (Overigens had mijn opa wel andere stoelen, serviesgoed en de olielamp meegenomen)

Staatsieportret van Willempje Seinstra, midden jaren 30? Bron: familiearchief.

De ’Stoel van Bismarck’ was een rieten stoel waarin de beroemde kanselier had plaatsgenomen tijdens een bezoek aan de zalmvisserij. De stoel werd daarna door de familie gekoesterd. Volgens het verhaal bezocht Bismarck de visserij met een gezelschap van de Deutscher Turn- und Rüderverein. Het jaar is onbekend.

Dan, de archieven. De Deutscher Turn- und Rüderverein was een Rotterdamse vereniging van Duitse immigranten. In 1863 was de Nieuwe Waterweg voltooid. Rotterdam speelde daarna een grote rol als doorvoerhaven voor het Duitse achterland. Dit zorgde voor een instroom van duizenden Duitse migranten. De Deutscher Turn- und Rüderverein is opgericht in 1874. Het waren jolige types, want ik kom een groot aantal feesten en partijen tegen in de krantenknipsels.

Botenhuis van de Rüderverein in Rotterdam bij de Oostpoort (nu Oostplein). Op de achtergrond het Witte Huis. Bron: Naar Rotterdam. Immigratie en levensloop in Rotterdam vanaf het einde van de negentiende eeuw, 2006.

Otto von Bismarck, de ijzeren kanselier, kennen we als architect van het Duitse keizerrijk. In 1871 werd koning Wilhelm I van Pruisen tot Duitse keizer uitgeroepen. Het Duitse keizerrijk was daarmee een feit. Otto von Bismarck werd de eerste rijkskanselier van het verenigde Duitsland. In 1891 was er een groots staatsbezoek aan Nederland door de Duitse keizer Wilhelm II en keizerin Augusta Victoria. Daarbij deden ze ook Rotterdam aan.

Otto von Bismarck, de oude ijzervreter.

Zou Bismarck dan daarbij zijn geweest? Maar helaas, Bismarck was het jaar daarvoor in ongenade gevallen en vervangen. Dat is dus onwaarschijnlijk. De Rüderverein was er wel bij tijdens dit staatsbezoek, lees ik in Delpher. Ze voeren mee met de optocht ten uitgeleide van de hoogheden de Nieuwe Maas af. Langs zalmvisserij Oranje Nassau!

Knipsel uit Delpher, 1891.

Het vermeende bezoek van Bismarck moet ergens tussen 1874 en 1898 zijn geweest, want Bismarck stierf in 1898. Maar ik kom nergens een vermelding tegen van een bezoek van Bismarck aan Rotterdam, terwijl Bismarck toch een zeer illuster persoon was in die tijd.

Is Bismarck dan nooit in Rotterdam geweest? Jawel hoor. In de zomer van 1853 bezocht Bismarck Nederland. Te vroeg dus voor ons verhaal. Hij kwam op doorreis ook door Rotterdam. Zijn indrukken zijn bewaard gebleven in een brief. “Dat ik Nederland gezien heb, doet mij veel genoegen; van Rotterdam tot hier, is het één groene, vlakke weidegrond, waarop vele bosschen staan, veel vee graast, en eenige uit oude prentenboekjes geknipte steden liggen; akkers zijn er niet.”

Uit: Otto, Graaf von Bismarck- Schönhausen, 1870. Bron: Google Books.

Maar wat is er dan gebeurd? Hoe komt dit familieverhaal de wereld in? Mijn gok is, dat de Rüderverein wel degelijk de zalmvisserij heeft bezocht. Misschien tijdens een van hun vele feesten en partijen. Misschien in 1891 op de terugweg naar Rotterdam, na het uitgeleide van de majesteiten. De pompeuze besnorde heren maakten vast veel indruk op de inwoners van de visserij. Ongetwijfeld hebben de vissers later aan anderen verteld over de belangrijke Duitse gasten die ze hebben ontvangen. Misschien werden ze steeds belangrijker – tot Bismarck aan toe!

Zalmvisserslatijn!

Plaats een reactie